Door gebruik te maken van een Geografisch Informatiesysteem (GIS), kon een kaart gegenereerd worden waarop de hoogtelijnen van de regio staan. Er zijn geen grote hoogteverschillen, maar de enkele meters verschil waren voor de Duitse troepen een groot strategisch voordeel.

Deze verzamelde en geanalyseerde gegevens werden gebruikt voor een daaropvolgende campagne van veldprospectie (over een totaal van 7 kilometer en een breedte van 100 meter).
De resultaten van de veldprospectie werden verwerkt en ook in een GIS-systeem ingevoerd. Alle verzamelde objecten werden bestudeerd. De concentraties aan het oppervlak werden vergeleken met de eerste kaarten die samengesteld werden uit literatuur, archiefmateriaal, luchtfoto’s en loopgravenkaarten. De verschillende bronnen toonden duidelijke overeenkomsten.