De resten van één van de drie Royal Sussex soldaten (links). Het onderzoek van de skeletten door V.I.O.E.-antropologe Marit Vandenbruaene (rechts).

De uitrusting werd bestudeerd door verschillende specialisten L. Milner (Imperial War Museum, London (UK)), A. Robertshaw (National Army Museum, London (UK)) en Peter Doyle (University of Greenwich (UK)). De soldaten sneuvelden waarschijnlijk in de lente van 1917. Een van de soldaten droeg een Small Box Respirator (gasmasker) bij zich. Een vierde menselijk overschot werd volledig verspreid aangetroffen in een bomkrater. Een insigne toonde aan dat hij behoorde tot het vijfde battalion van de Northumberland Fusiliers.
De stoffelijke resten van zes soldaten werden aangetroffen op de site Cross Roads. Drie van hen lagen als het ware opeengestapeld. Mogelijk stierven zij tijdens een aanval. De uitrusting van twee van hen bleef heel goed bewaard: het uniform, de webbing, een insigne van het Royal Sussex Regiment, standaard legerschoeisel. Een van de personen droeg een Webley revolver, wat erop kan wijzen dat de man samen met de twee andere onfortuinlijke slachtoffers deel uitmaakte van een machinegeweerpost.